September 2020

Om zeven uur hadden circa 20 deelnemers (vele nieuwe gezichten, waaronder Thomas van bijna zes jaar) zich verzameld bij de ingang Pannenland voor een mooie herfstwandeling door het duingebied. Vruchten, zaden en paddenstoelen. Dat waren de hoofdonderwerpen. En de vele Damherten natuurlijk. Beide groepen liepen ongeveer dezelfde route: één met de klok mee, de ander tegen de richting in.

Opvallend was het grote aantal van de Grote Parasolzwam die we tegenkwamen. Op een van de voormalige teeltlandjes van Panneland was zelfs een echte heksenkring te zien van deze grote paddenstoel. Gesteelde stuifzwam, Porceleinzwam, Hazepootje en Zwavelzwam waren de andere soorten. De groep van Kees zag op het terrein van Huis te Vogelenzang twee reeën wegspringen.

duinkruiskruid
De boerderij Pannenland ca 1855 – 1945

Opvallend was het grote aantal Grote Parasolzwam, die we tegenkwamen. Op een van de voormalige teeltlandjes van Panneland was zelfs een echte heksenkring te zien van deze grote paddenstoel. Gesteelde stuifzwam, Porceleinzwam, Hazepootje en Zwavelzwam waren de andere soorten. De groep van Kees zag op het terrein van Huis te Vogelenzang twee reeën wegspringen.

duinkruiskruid
Grote parasolzwam

Op de teeltakkers van Pannenland – sinds een half jaar afgezet met grote hekken om de damherten te weren – zijn al enkele duinplanten waarneembaar die in de rest van het duin opgegeten zijn: Koningskaars, Slangenkruid, Kromhals, Guichelheil, en Zwaluwtong zijn enkele soorten. De ontwikkeling binnen de exclosures gaan we ook komend jaar nauwlettend in de gaten houden. Wat de damherten zien er wel heel lief en aandoenlijk uit, maar voor vele andere dieren zijn en planten zijn het ‘rotbeesten’: door het grote aantal verstoren ze het hele biotoop en dat gaat ten koste van de biodiversiteit.

duinkruiskruid
Rozet van Koningskaars – binnen de exclosures van Pannenland

Het pad lag hier en daar bezaaid met eikels, die dit jaar vroeger lijken te vallen dan andere jaren. Bij het Oosterkanaal trok een Duindoorn met feloranje bessen de aandacht. Ze waren al overrijp, naast het zuur een beetje prikkelend op de tong.
Langs het pad naar het Zegveld zaten ook de meidoorns vol met rode bessen. Beeld je even in dat je her en der piepjes en rateltjes van de mezen hoort, dan is het gevoel van herfst compleet. Op het Zegveld vonden we een geeloranje Zwavelzwam op een omgevallen Abeel, die nog veel meer soorten paddenstoelen bleek te dragen.

duinkruiskruid
Zwavelzwam ‘Chicken of the woods’ op een omgevallen abeel

Van de Goverskol hadden we mooi uitzicht op een duinvallei met een grote groep Damherten, voornamelijk hindes met kalfjes en jonge herten, en één mannetje met een indrukwekkend gewei. We hoorden in de verte de branding, en boven de vallei voorzichtig geluidjes van een Boomleeuwerik. Helaas lieten de vogels zich niet goed zien. Van de Goverskol liepen we dwars door het terrein naar het pad langs Graaflandsbergen. Het ruiterpad was omzoomd met bloeiende Doornappels, voornamelijk de paars bloeiende vorm. Op een onbegroeid stukje berm vonden we een grote groep Gesteelde stuifballen. Dat is het bijzondere van deze maand: naast de bessen en paddenstoelen zie je ook nog de herfstbloei.
Na ruim twee uur kwamen de deelnemers tevreden weer uit bij het startpunt. Op de vraag aan Thomas was hij minder leuk vond aan de wandeling: ‘we moesten steeds stilstaan, en ik ben best wel moe’. Op de vraag wat hij leuk vond ‘ik heb veel geleerd over de natuur’. Met zo’n antwoord zijn de gidsen ook heel tevreden.